Wat te doen als iemand met dementie gaat dwalen

De deur, de route, wie u belt. Eerst deze minuut, daarna het huis.

Een pad naar buiten, licht tussen de bomen.

Eerst deze minuut

Iemand is weg. Niet "even de tuin". Weg. Kijk eerst of de jas, de sleutel, de rollator of de tas weg is. Bel daarna wie u al heeft afgesproken: een buur, een kind, de politie als u vreest dat het misgaat. Een begeleider is geen meldkamer. Die zit niet aan een lijn die u nu pakt.

Alzheimer Nederland schrijft over onbegrepen gedrag en over wat u thuis kunt doen om rust te houden. Dat is geen protocol voor deze minuut. Deze minuut is: zoeken, bellen, niet alleen blijven piekeren in de gang.

Als iemand terug is

Geen verhoor. Geen "waar ben je geweest" als dat de onrust groter maakt. Drinken. Jas uit. Dezelfde stoel. Thuisarts.nl legt dementie uit als ziektebeeld. De huisarts blijft de huisarts. Niemand in huis stelt een diagnose over waarom iemand de straat op ging.

Schrijf wél op wat u later nodig heeft: hoe laat, welke kant op, wat er aan had, wie het eerst zag. Dat briefje is voor de casemanager of de huisarts, niet voor de buren.

De deur is vaak het hele verhaal

Dwalen begint zelden in het park. Het begint bij een deur die vanzelf opengaat, een sleutel die nog in het slot zit, een tuinhek dat niet sluit, een gang die naar buiten trekt omdat iemand "naar huis" wil terwijl hij al thuis is.

Een begeleider eist geen sleutel en hangt geen sloten. Wat u met de deur doet, is van het huis. In het blok kan die persoon wél meelopen naar de brievenbus op de route die dit huis al kent, zodat de wandeling niet de stad in verdwijnt.

Wie u verder belt, en wie niet

De casemanager bewaakt het traject via de verzekering. De huisarts blijft het medische loket. Regelhulp legt uit hoe de gemeente ondersteuning inzet. Een begeleider is geen van die drie.

De buren horen niet het hele verhaal. Een begeleider praat daar niet over. Als u een buur wilt inschakelen, zegt u dat zelf.

Wat een begeleidingsblok wél kan

Meelopen. Dezelfde ronde. Terug zijn voor het uur om is. Zien of de jas klaarligt alsof iemand naar buiten moet. Dat zegt u in de kennismaking. Een speurtocht door de wijk als het blok al voorbij is, start niemand.

Twee vaste gezichten in één week kan, als u beide kent. Dan rust de deur niet op één persoon die ziek is. Dat is geen pool.

Wat dwalen nooit dekt

Geen GPS-dienst. Geen nachtwacht bij de voordeur. Geen belofte dat iemand "er niet meer uitkomt". Als alleen thuis blijven onveilig is omdat de deur niet te houden is, past een middagblok niet. Dan wijst de casemanager of de huisarts een andere kant.

Wijkverpleging bij Vérian of Buurtzorg blijft hun ronde. Een begeleider zoekt niemand omdat de verpleging die ochtend niet kwam.

Voor de deur, niet erna

Zet dit op één briefje in de keuken. U leest het in de kennismaking. De politie leest het als het misgaat.

  • Wie belt u als eerst, met welk nummer?
  • Welke kant loopt iemand meestal op?
  • Wat heeft iemand bijna altijd aan of bij zich?
  • Wie mag de sleutel hebben, en eist niemand die?
  • Is er een casemanager of huisarts die u ná het incident belt?
  • Past een begeleidingsblok, of is er een alarm- of nachtdienst nodig?
  • Wat mag een begeleider niet met de buren delen?

Officiële informatie

Hoe ExtraDochter de ronde in het blok houdt

ExtraDochter loopt in het afgesproken uur de route die dit huis al kent, naar de brievenbus of om de hoek, en is terug voor het uur om is.

Twee vaste gezichten in één week kan, als u beide kent, zodat de deur niet op één zieke dag rust. ExtraDochter start geen speurtocht als het blok voorbij is.

Meer van ExtraDochter

Waar dwalen in de officiële uitleg landt

Alzheimer Nederland beschrijft onbegrepen gedrag, waaronder weglopen en onrust. Thuisarts.nl houdt het ziektebeeld bij de huisarts. De casemanager bewaakt het traject na een incident, via de zorgverzekering.

Regelhulp legt uit hoe de gemeente ondersteuning inzet als thuis krapper wordt. Vérian en Buurtzorg blijven de ronde van verpleging. Een gemiste ronde is geen speurtocht vanuit die teams.

Bronnen

  1. Alzheimer Nederland, omgaan met dementie. Onbegrepen gedrag, waaronder weglopen.
  2. Thuisarts, dementie. Het ziektebeeld blijft bij de huisarts.
  3. Thuisarts, naaste met dementie. Wat u als naaste doet als het huis kantelt.
  4. Alzheimer Nederland, de casemanager. Het traject na een incident.
  5. Regelhulp, Wmo. Gemeentelijke ondersteuning als de deur niet meer houdt.
  6. Vérian, zorg thuis. De verpleegkundige ronde, geen speurtocht.
  7. Buurtzorg. Verpleging, geen alarmlijn voor dwalen.